Laudatio Oorkonde 2015 voor ‘Whispers: Ulay on Ulay’

Ter gelegenheid van de uitreiking van de AICA Oorkonde 2015 aan Maria Rus Bojan en Alesandro Cassin voor hun publicatie ‘Whispers: Ulay on Ulay’ op 18 september werd de lofrede uitgesproken door Edna van Duyn.

Edna van Duyn

Edna van Duyn

Geachte aanwezigen,

Beste Ulay, Beste Maria Rus Bojan, Beste Alessandro Cassin,

Toen ik in februari van dit jaar werd gevraagd om in de jury plaats te nemen voor het nomineren van publicaties van hedendaagse kunst uit de (afgelopen) jaren 2012, 2013 en 2014 sloeg mijn hart eventjes over van enthousiasme. Aan boeken, en vooral aan kunstboeken, heb ik mijn hart verpand. De laatste jaren heb ik met enorm groot plezier veel boeken kunnen maken, kunnen editen. Deze publicaties, vooral van De Appel, vonden hun weg en plek met name in de collegiale omgeving van het hedendaagse kunstveld waarin boeken met een zelfde verve, flair en vuur zijn gemaakt. Aan deze professionele boeken ontbreekt vaak geen enkele kwaliteit, behalve publieke aandacht.
Een oorkonde uitreiking zoals nu is een mogelijkheid om een plaats en moment van aandacht voor het publiek te organiseren.
Als gevolg van de digitalisering zou het boek steeds meer op de achtergrond raken, deze discussie begon al in de jaren 90 van de vorige eeuw. Maar inmiddels blijkt het een het ander niet uit te sluiten. En ook uit het jury onderzoek blijkt dat het analoge boek in de hedendaagse kunst niet aan belang heeft ingeboet. Ondanks de bezuinigingen liep het aantal boeken van Nederlandse bodem op tot zo’n 400 boeken, een verrassend hoog aantal relevante publicaties. Uit deze inventarisatie van de afgelopen drie jaar koos de jury een shortlist van 3 publicaties.

v.l.n.r. juryleden Nat Muller, Wieteke van  Zeil, Edna van Duyn en Maria Rus Bojan en Ulay

v.l.n.r. juryleden Nat Muller, Wieteke van Zeil, Edna van Duyn en Maria Rus Bojan en Ulay

Mijn lange ervaring in kunstpublicaties begon met het maken van intieme kunstenaarsboekjes. Deze kunstenaarsboekjes, boekjes in verkleinvorm ja, waren op verzoek van kunstenaars een uitbreiding van de kunstenaarspagina’s in het bulletin van De Appel waar hen carte blanche werd verleend. Maar toen het podium op papier zich uitbreidde naar een publicatie, ontstond er steeds meer een dialoog. Bij de publicaties was er een nauwe samenwerking van de kunstenaar met de redacteur slash uitgever en de ontwerper, in mijn geval met name ontwerper Irma Boom.
In de performance kunst, en ook in de installatie- en tijdsgebonden kunst leeft een spanningsveld tussen de tijdelijkheid van het werk, de uniciteit van de beleving aan de ene kant en de documentatie, de fotografie, de vastlegging door de schrijvende pers en de kunstcritici al dan niet buiten de muren anderzijds. Lily van Ginneken, Tineke Reijnders en Antje von Graevenitz bijvoorbeeld, mede AICA leden, gaven aan efemere en tijdelijke activiteiten een neerslag in de dagbladen en in vakbladen als Metropolis M dat overigens ook ruimte gaf aan kunstenaarspagina’s.
Naast Anthon Beeke en ook andere ontwerpers werkte ik, zoals gezegd, voornamelijk met Irma Boom aan de boeken. Boom heeft zich natuurlijk inmiddels bewezen als een van de interessantste boekontwerpers van Nederland. De zorgvuldigheid van haar ontwerpen liet en laat zich in haar werkwijze voelen. Ze heeft het ook in haar lezing bij de haar toegekende Johannes Vermeerprijs in 2014 onder woorden gebracht: dat het nooit routine wordt, dat er wordt gestreefd naar perfectie en dat daar een proces van wording bij hoort, dus veel tijd kost. En dat zien we ook terug in dit boek ontworpen door Sonja Haller en Pascal Brun die bij Boom en ook bij Thonik werkten en deze ervaring met hun Zwitserse achtergrond van precisie in het ontwerp verenigen.
Het is natuurlijk een gemeenplaats, de Zwitserse precisie, en ik noem het omdat de ontwerpers zelf deze formulering gebruiken in het colofon om hun ervaring van het maken van dit boek dat van voren naar achteren van millimeter tot millimeter geplaveid is met zorgvuldigheid, te typeren. De aandacht die in alle onderdelen van het werk is gaan zitten is om dan toch de tijd vast te leggen in het platte vlak.
Niets bijzonders eigenlijk voor een fotograaf, een kunstenaar die met Polaroids werkt en heel uitzonderlijk voor een performer, die zijn tijd, zijn leven, een periode van scheppen, van voortbrengen van kinderen, van werken, al tijdens zijn leven vastlegt in een uitgebreid archief.
Marina Abramovic met wie Ulay 13 jaar samenwerkte en een iconisch oeuvre in de performancekunst opbouwde, is op eigen verzoek opvallend afwezig in het boek. De afbeeldingen waaraan zij geen publicatierecht verleende, zijn als roze, huidkleurige bladzijden in het boek wel opgenomen, een zachte manier van tonen en verzoenen met kennelijk noodzakelijke keuzes. Op de presentatie van dit boek in het Stedelijk gaf Ulay door zijn performance gestalte aan het fysieke ontbreken van wat ooit hun ondeelbare eenheid leek te zijn.

v.l.n.r. Robert-Jan Muller, Alessandro Cassin, Maria Rus Bojan, Ulay

v.l.n.r. Robert-Jan Muller, Alessandro Cassin, Maria Rus Bojan, Ulay

Solo en in retrospectief komt Ulay in dit boek als reflectief en beheerst over. Ondanks het stevige formaat spreekt er geen drama, geen grotesk gebaar uit, maar veeleer een ingetogen, beschouwend relativeringsvermogen met een speciale aandacht die op de lezer, in ieder geval op mij, magnetiserend werkte. Dit was mijn ervaring bij het lezen van dit volumineus aanwezige en toch fluisterende boek.
De boekenpraktijk is geleidelijk aan minder kleinschalig geworden. Om de kosten te delen en het draagvlak te verbreden worden producties steeds internationaler. Dus niet alleen de kunstenaars en hun werk, de bron, maar ook mede- uitgevers, co- producenten als galeries en presentatie-instellingen zijn in de loop der jaren steeds meer deelgenoot geworden van het maakproces. De medeproducenten hebben een stem, vaak constructief maar ook gelinkt aan cijfers.
Hoe omvangrijk dit boekproject ook is, aan de wortels staan geen weg bereidende drijfveren, noch die van de commercie. Het heeft een internationale allure maar zonder knieval ten koste van de inhoud. De bron, het werk en leven van de kunstenaar, is ingebed in een context die een pure monografie overstijgt doordat het ook een tijdsbeeld geeft van 45 jaar. In dialoog met alle betrokkenen is er een evenwichtig geheel ontstaan.
Whispers: Ulay on Ulay is zowel een werkmonografie als een kunstenaarsboek, zowel een visuele biografie als een kunsthistorische beschouwing waaraan door middel van interviews de stem, de fluisterende stem van Ulay is toegevoegd. Hoe omvangrijk dit project ook is, het schreeuwt niet van de daken maar is ingetogen, naar binnen gericht, met een overwogen resultaat dat samen door de kunstenaar, redacteur, auteurs, ontwerpers en uitgever is bereikt. Proficiat!

Één reactie op “Laudatio Oorkonde 2015 voor ‘Whispers: Ulay on Ulay’

  1. Pingback: <span class="caps">AICA</span> award 2015 for Whispers: Ulay on Ulay — mannschaft

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *