Salon 14 januari: Duchamps readymades

Graag nodigen we u uit voor de eerste AICA-Salon van 2019, op maandag 14 januari om 18:30 uur in het Lloyd Hotel.

Een Salon in het teken van de readymades van Marcel Duchamp. Kunsthistoricus en voormalig UvA-docent Frank Reijnders gaat hierover in gesprek gaat met Duchamp-kenner Bert Jansen, beiden AICA-leden.

Foto van de Fountain, gemaakt door Alfred Stieglitz in 1917.

Directe aanleiding is de publicatie van het artikel van Theo Paijmans in tijdschrift See All This deze zomer, met daarin de suggestie dat niet Duchamp maar diens vriendin barones Elsa von Freytag-Loringhofen de bedenker zou zijn van de beroemde Fountain. In het gesprek gaan Reijnders en Jansen in op het principe van Duchamps readymade en het verschil met het gebruik van objecten door andere kunstenaars.

Frank Reijnders schreef en doceerde veelvuldig over het werk van Duchamp, Bert Jansen promoveerde in 2015 bij de Universiteit Leiden op zijn proefschrift “Chacun son Marcel”? Meerduidigheid in het werk van Marcel Duchamp. In 2013-14 was er in het museum Boijmans van Beuningen een tentoonstelling van Jansens documentatie bij zijn proefschrift met de titel Marcel Duchamp, kunstenaar – knutselaar, an artist – anartist.

Na afloop van de Salon, om 19:15, heffen we graag het glas met u op een voorspoedig en gezond 2019.

Hopelijk tot dan!

Entree gratis voor leden.
Maandag 14 januari, 18:30 uur, Lloyd Hotel Amsterdam.

Tijdloze kunstkritiek boven de poolcirkel

Verslag: Een internationaal midzomerdebat over de toekomst van kunstkritiek

Op de langste dag van het jaar kwam er een vraag binnen bij het AICA-bestuur: of we een Nederlandse kunstcriticus wisten om deel te nemen aan een internationaal debat over kunstkritiek in Harstad, in Noord-Noorwegen. Gefinancierd en geïnitieerd door het Noorse stimuleringsfonds voor Noorse dans en theater, PAHN, beeldende kunstcritici waren van harte welkom. Enige struikelblok: het debat was over zes dagen.

Na kort overleg binnen het AICA-bestuur en wat aanpassingen in mijn agenda stond ik zo op 26 juni in mijn winterjas op het vliegveld van Narvik. De vlucht van Oslo naar het noorden had even lang geduurd als die van Amsterdam naar Olso, tijd genoeg om een begin te maken met het herlezen van Hermans’ Nooit meer slapen. Bij mijn aankomst om elf uur ’s avonds was de zon nog niet ondergegaan, dat zou hij pas op 22 juli weer doen. Het was bewolkt en fris, maar ik had wel meteen een eerste muggenbeet te pakken.

Harstad centrum, 27 juni 2018, 23:55 uur

Het debat over de kunstkritiek werd georganiseerd in het kader van het jaarlijkse theaterfestival in Harstad, Festspillene Nord-Norge oftewel Arctic Arts Festival. Een klein festival van een week dat de ‘noordelijke kunst’ wil stimuleren en tonen, het bestaat sinds 1965. Nadruk van het festival ligt op theater en dans, daarnaast is er ook een kleine tentoonstelling (die ik helaas niet kon bekijken omdat er in de ruimte een lezing werd gehouden – in het Noors) en straattheater. Financiering komt, naast de subsidie van Noorse staat, vooral van Statoil (tegenwoordig Equinor) het Noorse olie- en energiebedrijf dat ook de grootste werkgever is in Harstad en omgeving. Lees verder